Op deze pagina vind je 1 betekenis of definitie van het woord 'ontbood’. Indien je zelf nog een definitie of synoniem kent, kan je deze onderaan deze pagina toevoegen.
1-3
ontbood
enkelvoud verleden tijd van ontbieden
VB: Ik ontbood.
Jij ontbood.
Hij, zij, het ontbood.