Op deze pagina vind je 1 betekenis of definitie van het woord 'heerste’. Indien je zelf nog een definitie of synoniem kent, kan je deze onderaan deze pagina toevoegen.
1-1
heerste
enkelvoud verleden tijd van heersen
VB: Ik heerste.
Jij heerste.
Hij, zij, het heerste.